Pater Kolvenbach, algemene overste van de Sociëteit van Jezus, over de plaats van de zending in de Sociëteit van Jezus
Laten we eerst een onvermijdelijk onderscheid maken : de ignatiaanse spiritualiteit is één zaak; de spiritualiteit van de jezuïeten of beter de spiritualiteit van de Constituties van de Sociëteit van Jezus is een andere [ …]
De spiritualiteit van de Constituties is een manier om de ignatiaanse spiritualiteit te concretiseren. Zij berust bovenal op de idee van de zending. Men vergeet wel eens dat het de heilige Ignatius is die vorm gegeven heeft aan de moderne betekenis van het woord “zending”: er op uit gaan om het Evangelie elders te verkondigen. Maar nadien is de betekenis gewijzigd. Immers, wij denken spontaan vandaag aan de zending “naar” iemand en het is die iemand of die groep die de zending zijn eigenheid geeft. Sint Ignatius dacht in de eerste plaats aan diegene die zond, namelijk de Heer. In de Constituties draait alles rond het feit dat wij niet “onze” Sociëteit van Jezus willen bouwen; wij willen niet “onze” werken opbouwen; maar wij willen ten dienste staan van de Kerk en wij willen dat de Heer zich van ons bedient doorheen de Kerk. Praktisch gezien betekent dit dat er een dubbel bestuurssysteem bestaat : het bestuur van de generaal die de jezuïeten moet samenbrengen, hen voorbereiden op hun zendingen: en het bestuur van de plaatsvervanger van Christus op aarde, ’t is te zeggen, de Paus, die niet samenbrengt maar wel, in tegendeel, terug naar de wereld gaat sturen voor de zendingen die hij geeft. We staan hier voor een dubbele beweging : samenbrengen en verspreiden.

Borgo Santo Spirito in Rome : centraal bestuur van de Sociëteit van Jezus
De grote vraag in de geest van de jezuïeten is steeds : “Wat verlangt de Heer van mij? Welk werk, welk soort leven? Vandaar het belang, en het woord is vandaag erg in, van de onderscheiding. Onderscheiden wat God van ons wil en hoe Hij ons kan gebruiken. Want dat is het enige wat wij verlangen. Christus zelf was een gezondene, gezonden door Zijn Vader. Hij wist zich steeds gezonden en Hij heeft zelf ook gezonden, ’t is te zeggen dat hij de apostelen heeft gezonden. En dit blijft ook de eerste taak van de Sociëteit van Jezus : bij de mensen van onze tijd de zending van Christus verder zetten. Met een voorkeur voor de mensen die Christus niet of niet goed kennen.
[ …]
De heilige Vader geeft ons zendingen. Indien wij de verantwoordelijkheid dragen voor een seminarie in Albanië, indien we in Rusland aanwezig zijn, indien we een faculteit voor sociale wetenschappen (CERAP) hebben in Kameroen om de Afrikanen te helpen om zelf hun verantwoordelijkheid op te nemen in de ontwikkeling, dan is dit op vraag van de heilige Vader

CERAP (Kameroen)
En ik zou nog talrijke andere voorbeelden kunnen geven. Al deze zendingen moeten uitgevoerd worden in de geest van de heilige Vader. Om die reden heeft hij verklaard dat hij op ons rekende opdat het tweede Vaticaans Concilie zou uitgevoerd worden, steunt hij ons werk voor de armen of ons engagement in de dialoog.