Hart van pater Roothaan terug in Amsterdam

Op zondag 23 november wordt in de Krijtberg te Amsterdam door de nuntius Mgr. François Bacqué een nieuwe reliekschrijn onthuld. Middelpunt van deze schrijn is een verzilverde buste uit Rome met het hart van pater Jan Philip Roothaan (1785-1853), generaal of algemene overste van de jezuïeten van 1829 tot 1853, en geboren en getogen Amsterdammer.

De reliek is vorig jaar ten behoeve van de Krijtberg in bruikleen gegeven door de toenmalige algemene overste, de Nederlander Peter-Hans Kolvenbach. De schrijn is ontworpen door beeldend kunstenaar Pim Wever te Vught en geschonken door het Pater-Roothaan-genootschap. Het Genootschap heeft zich sinds 1944 ingezet om de figuur van Jan Philip Roothaan meer bekend te maken, mede met het oog op zijn zaligverklaring. Hoewel het proces al lang stilstaat, is het nooit gesloten.

Datum: 23 november

Tijd: 10.30 uur

Plaats: Krijtberg, Singel 448, Amsterdam

Contact: rector Tjeerd Jansen SJ ((0031) 020 - 623.19.23 / 0615 - 209.038)

Achtergrondinformatie:

Pater Roothaan

De Amsterdammer Jan Philip Roothaan, parochiaan en misdienaar van de Krijtberg, trok in 1804 naar Rusland om in te treden bij de jezuïeten. Hij werd priester gewijd in 1812. Na een aantal jaren als leraar en priester gewerkt te hebben in Rusland, Zwitserland en Italië werd pater Roothaan in 1829 gekozen tot “generaal” of algemeen overste van de jezuïetenorde. Die had toen bijna tweeduizend leden, verspreid over de hele wereld. Omdat de jezuïeten steeds de grenzen zochten van kerk en wereld had de orde veel vijanden. In 1848-1850 moest Jan Roothaan het hoofdkwartier in Rome verlaten. Hij ging toen de huizen van de orde in Europa bezoeken en kwam ook weer in Nederland, voor het eerst sinds 26 jaar. Hoewel hij zelf een vluchteling was, gaf zijn bezoek iedereen moed en vertrouwen. Na zijn terugkomst in Rome in 1850 bestuurde hij de orde nog een paar jaar. Hij werd ernstig ziek, een ziekte die hij met veel geduld en zelfs blijdschap droeg. Jan Philip Roothaan stierf in Rome op 8 mei 1853. Er waren toen ruim vijfduizend jezuïeten, onder wie zo’n duizend missionarissen.

Hart

Het graf van pater Roothaan in de crypte van de Gesù-kerk te Rome werd in 1935 geopend in het kader van het proces voor zijn zaligverklaring. De kist en het lichaam waren grotendeels vergaan, waarschijnlijk vanwege de grote overstroming van 1870. Het hart van Jan Philip Roothaan was apart bijgezet in een glazen houder op sterk water en nog volkomen gaaf. Dat van hem als enige van alle generaals in de crypte het hart geconserveerd is, tekent de verering die leefde bij zijn dood. In opdracht van de toenmalige algemene overste Wlodimir Ledóchowksi (1866-1942) heeft de edelsmid R. Politi in Milaan voor het hart een verzilverd koperen buste gemaakt. Deze buste stond tot vorig jaar in de sacristie van het generalaat van de jezuïeten in Rome. De overige stoffelijke resten van Jan Philip Roothaan zijn in 1953 bij gelegenheid van zijn honderdste sterfdag geplaatst in een zijkapel bij de ingang van de Gesù-kerk. Later is daar ook het lichaam van de algemene overste Pedro Arrupe (1907-1991) bijgezet. Waar pater Roothaan geldt als tweede stichter van de jezuïetenorde, heeft pater Arrupe haar geleid in de vernieuwingen na het Tweede Vaticaans Concilie.

Reliekschrijn

Hoofdmotief van de reliekschrijn is het vurig streven van Roothaan voor het welzijn van de mensen en de meerdere glorie van God. Zijn bijzondere genegenheid voor de kerk van zijn jeugd komt tot uiting in een citaat uit een brief uit 1837, dat op de console van de buste is aangebracht: ‘Onze dierbare kerk de Krijtberg, waaraan zoveel herinneringen mij binden en altijd zullen blijven binden. A.M.D.G.’ Deze laatste afkorting staat voor Ad Majorem Dei Gloriam (tot meerdere eer van God), de lijfspreuk van de Jezuïetenorde.


IHS > activiteiten