Visietekst voor het sociaal project op het OLVC

De wortels

De jezuïetenopvoeding streeft ernaar voor te bereiden op een geëngageerd leven. Daartoe voorziet zij in de mogelijkheid om in reëel contact te treden met de wereld van de onrechtvaardigheid. (De karakteristieken van de jezuïetenopvoeding, nr 76, 1987)

De school schept voor haar leerlingen gelegenheden om met armen, zieken, bejaarden en gediscrimineerden in voeling te treden. Dit kan doeltreffend geschieden via huisbezoek en aangepaste ‘sociale stages’, die achteraf zorgvuldig worden geëvalueerd. Niets evenaart voor jongeren ‘van goeden huize’ zo’n geëngageerd contact met de werkelijke toestanden, soms vlak in hun buurt. Allen zijn wij broeders en zusters in de éne mensengemeenschap. Wij leren elkaar kennen en waarderen, en voor elkaar opkomen. Door dergelijke contacten zullen onze leerlingen hun bevoorrechte positie, waarin ze zich buiten eigen verdienste bevinden, beter beseffen. (Het hedendaags opvoedingsproject voor de Vlaamse Jezuïetencolleges, 5.7., 1988)

Onze opvoeding spoort aan tot engagement. Ze wil een mens vormen die anderen dient en gelukkig maakt en zo een maatschappij tot stand helpen brengen waarin elkeen tot zijn recht komt. (Intentieverklaring Christoforus, OLVC, 2002 )

De concrete vertaling

Het sociaal project wil vijfdejaars gevoelig maken voor sociale uitsluiting in een moderne samenleving en hen helpen om de mechanismen ervan te doorzien. Het project richt zich tot alle vijfdejaars en behoort tot het normale vormingspakket. Het omvat twee luiken: een praktisch en een theoretisch.

I. Het praktische luik maakt de vijfdejaars gevoelig voor sociale uitsluiting door (1) rechtstreeks contact met mensen die eronder gebukt gaan. Dit contact vindt (2) regelmatig plaats, (3) pro rato van gemiddeld één uur per week of 30 uur over het hele jaar. Het contact ontstaat door een (4) eenvoudige activiteit, waardoor de vijfdejaars zich (5) nuttig voelen en waar tevens hun (6) affectiviteit wordt bevraagd. Zó ontstaat een (7) persoonlijke relatie : het gehandicapte kind, de bejaarde, de dakloze, de vluchteling, … krijgen een naam en een gezicht. Een abstract probleem wordt een persoonlijke ervaring die kan leiden tot meer altruïsme en inzet voor een rechtvaardigere wereld. Het is wenselijk dat deze activiteit (8) een wederkerig aspect heeft en plaatsvindt op voet van gelijkheidwaardigheid. Op deze manier kan de leerling ontdekken dat hij zelf ook kan leren en ontvangen van diegenen die door de samenleving makkelijk worden afgeschreven. Ten slotte, (9) in de regel vindt  deze stage plaats buiten de vertrouwde leefwereld van de leerling.

II.  Het theoretische luik ent zich op de praktijkervaring. Het nodigt de vijfdejaars uit om terug te blikken op hun ervaring en er zo de vruchten van te kunnen plukken. Bovendien omvat het enkele sessies waarin de deelnemers nadenken over de mechanismen die uitsluiting in onze samenleving veroorzaken.

Opvoeders in de ignatiaanse traditie hebben vroeger al jongeren gevormd tot mensen vóór en mét anderen. Het sociaal project is een eigentijdse invulling daarvan.

Sociaal project, algemeen >>

Video leerlingen >>

Terugblikken leerlingen >>
Fotoalbum >>
...
Hete hangijzers >>
Volwassenen in woord en beeld >>
Voorbeeld visietekst >>
Artikelen ten gronde >>
...
Ons helpen >>