In memoriam

Hans van de Loo

22 december 1922 – 29 november 2007

Als oudste zoon te Ubbergen geboren (1920) in een groot traditioneel, door en door katholiek gezin, met vier heerooms in de SJ-orde, voltooide Pater Hans van de Loo aan het einde van de crisisjaren op het Canisius in Nijmegen in 1940 zijn gymnasium A. Ook toen al waren zijn contacten in zijn sociale omgeving sterk gevoelsmatig van aard. In wat hij meemaakte omtrent de werklieden op de steenfabriek van zijn ouders probeerde hij met z’n praktisch verstand orde te scheppen. Het leidde hem er toe om op grond van ideële gevoelsmatige motieven in Amsterdam economie te gaan studeren. Na een jaar echter besloot hij in onze orde te treden in Mariëndaal (1941) en begon hij met die zelfde aard een lange opleiding, inclusief een doctoraal Nederlands aan de Nijmeegse r.k.Universiteit. Rond zijn priesterwijding in 1957 kreeg zijn opleiding een afronding. Twee jaar later werd hij leraar Nederlands aan het St.Maartens College te Haren (Gr.) (1959 – 1969). Vanaf dat ogenblik heeft zijn apostolische leven zich afgespeeld in en vanuit Groningen. In zijn vak ging zijn aandacht vooral uit naar de moderne literatuur en poëzie. Zijn gevoelsmatig omgaan met de geestelijke achtergrond daarvan deed hem deelgenoot worden van de secularisering die o.a. gaande was onder jongere generaties. Dat stond ver af van wat hij in eigen familie en opleiding had meegekregen. Maar tijdens de theologie had hij met deze ontwikkelingen toch reeds kennis gemaakt. En dat stelde heel serieuze vragen aan de vorm van zijn eigen geestelijk leven. Hij werd assistent moderator van de studenten. In dat apostolisch werk ontstond opnieuw een band met de ideële motieven waarom hij vroeger economie was gaan studeren. Daarom leek het hem goed als priester-docent Nederlands benoemd te worden aan de (neutrale) HEAO (1968 – 1980). Die functie werd aangevuld binnen het instituut met taken zoals lid van commissies, lid van de leraren-raad, counselor voor de studenten, en begeleider van gespreksgroepen. Rond zijn 40e levensjaar heeft Hans ook zelf een ontwikkeling moeten doormaken in zijn manier van geloven. De veranderingen in de theologie en het geestelijk klimaat van die tijd hebben hem diep geraakt. Was hij in de eerste helft van zijn leven een traditioneel gelovende, in de tweede helft werd hij een zoeker die eigenlijk nooit helemaal thuis kon komen. Hij herkende veel daarvan bij studenten, en de studenten veel bij wat hij aan hen te brengen had. Met name wanneer de diepere lagen rond de literatuur aan de orde kwamen. Bij dat alles bleef hij zijn Bourgondische uitbundigheid en bonhommie bewaren. Dat straalde vaak te nadrukkelijk van hem af op de aanwezige toehoorders. Intussen bleef hij als priester in het Noorden en in het land bijdragen leveren aan geestelijk dienstwerk, conferenties aan zusters, retraites, assistenties, volwassenen-catechese. Na zijn 65e deed hij het, voorzover hij dat kon, wat rustiger aan (1985-1997). Zijn zoekende geest viel echter nog geenszins stil. Hij ging zich bezig houden met het werk van een Franse medebroeder en historicus van mystiek Michel de Certeau S.J. (1923 – 1986), een leeftijdgenoot van hem. In gesprekgroepen van buitenstaanders en medebroeders werd er op diens gedachtegoed gestudeerd, o.a. via het in het Nederlands vertaalde boek Gedachten in beweging. Deze titel karakteriseert ook wel wie Hans van de Loo zelf als medebroeder onder ons was: een bewogen zoeker met een sterk gevoelsmatige werkende associatieve geest, en overdadig in expressie via het woord. De laatste jaren (1997 – 2007) verbleef hij in Nijmegen op het Berchmanianum. Geestelijke achteruitgang nam meer en meer bezit van hem. Voor hem werden het zware jaren, zoveel mogelijk dragelijk gemaakt door toegewijde zorg. Hij was een man van het woord. Van veel woorden, om zijn gevoel te vertolken. Hij was ook een man van het hart, in dienstbaarheid toegewijd aan het Woord.


IHS > gezellen van Jezus > In memoriam