In memoriam

Jacques van Weert

1925 -2009

Hij ging van stad tot stad ….. . Met deze eerste regel uit een mooi Christus’ lied opent Pater Jacques van Weert, dan 71 jaar oud, een kort artikel over zichzelf voor het huisblad van een Westlands verzorgingshuis, waar hij als pastor ging functioneren na een ernstige operatie aan zijn stembanden. In het beeld van Christus, dat uit de tekst van de dichter naar voren komt, herkende hij veel van zichzelf. Het gedicht omschrijft de wijze, waarop Jacques jezuïet en priester probeerde te zijn onder de mensen. ‘Er zijn voor mensen! Meeleven met wat mensen meemaken in hun leven. Laten voelen tijd te hebben voor een gesprek. Waar mogelijk Gods zegen aanwezig stellen door wat troost en moed te geven’. Proberen ‘pastor voor elkaar’ te zijn in de geest van Christus. Heel zijn leven heeft Jacques dat idee bij zich gedragen, en daaraan bewust vorm gegeven, vanaf de jaren van voorbereiding tot en met de laatste moeilijke periode van zijn leven. Toen was spreken voor hem nagenoeg onmogelijk geworden als gevolg van het een aantal jaren geleden operatief wegnemen van zijn stembanden. Ook onder die omstandigheden groette hij iedereen met een vrolijke glimlach, en bleef hij iemand die dondersgoed wist wat hij wilde.

Bij zijn doopsel op zijn geboortedag (1925) kreeg hij de namen van twee apostelen: Paulus en Jacobus. Zijn roepnaam werd: Jacques. In het ouderlijk gezin was hij, naast twee zussen en drie broers, de jongste. Vader, die een slagerij had binnen de parochie van de jezuïeten in de Elandstraat, stierf reeds in 1940. Met een diploma gymnasium B van het Aloysius College op zak begon hij zijn noviciaat in Grave in 1945. Twee en een half jaar later vertrok hij naar Indonesië, alwaar hij na 10 jaar opleiding in 1957 tot priester werd gewijd in Yogjakarta.

Hij ging van stad tot stad ….. . Zijn actieve leven in de orde omvat drie grote perioden. Een eerste in Indonesië (1948-1970): Klaten, Magelang, Semarang, Klaten; aangesteld in retraitehuis of parochiestaties. Daarna, teruggekeerd in Nederland, volgen vanwege gezondheid heel wat jaren van parochiewerk als pastoor/teamleider (1970-1995) in: Gouda, Utrecht Aloysius, Den Haag Da Costastraat. De derde periode ving aan (1996) toen hij na de larynectomie afscheid moest nemen van dat wat hij zo graag deed en zo goed kon: apostolaat verrichten in een grote kerk: eerst woonde hij alleen in Den Haag, vervolgens in het Berchmanianum te Nijmegen ( vanaf 2006).

Tijdens zijn verblijf in Indonesië droeg hij in velerlei vormen verantwoordelijkheid voor direct apostolaat in de staties. Daarin was hij oudere en jongere mensen zeer nabij. Hij raakte verbonden met een groep medebroeders in Klaten die, op het gebied van retraite-geven, gericht waren op een weloverdachte eigentijdse vormgeving van dit werk. Op verlof in Nederland stelde hij zich terdege op de hoogte van de Nederlandse ontwikkelingen in dit opzicht. Ondersteund door Vaticanum II en nieuwere visies op geloof, gebed , lekenapostolaat en gezinsleven, probeerden de jezuïeten kansen te scheppen voor intensere gewetensvorming en gemeenschappelijke vormen van inkeer. Jacques van Weert onderstreepte daarbij duidelijk het belang, dat een Bijbelwoord bij mensen kon ‘overkomen’ geholpen door een gemeenschappelijke sfeer van ingetogenheid en bezinning. Het nog relatief ‘jonge’ katholicisme in Java kreeg van daaruit een noodzakelijke verdieping. In retraites voor kadermensen binnen de kerk-staties bleek deze kennismaking met verschillende mogelijkheden voor bezinning en liturgie een kostbare bijdrage te zijn aan die geloofsgemeenschappen. Deze manier om vorming te geven kreeg zo een sneeuwbaleffect.

     

Hij ging van stad tot stad ….. . Eenmaal definitief teruggekeerd in zijn vaderland, hebben de mensen van de hierboven genoemde parochies in Nederland aan Jacques als pastoor kunnen ervaren, hoe hij ook voor vergelijkbare situaties degelijk onderlegde opvattingen had en initiatieven stimuleerde. Hij stond bekend als iemand, die door zijn praktisch goed opgezette preekjes telkens weer mensen wist aan te spreken. Hij was een goede en hartelijk pastoor, die het eenvoudig wilde houden.

Toen hij eenmaal gedwongen werd met dit werk op te houden heeft hij zijn levenservaringen in een aantal korte statements samengevat;

Tussen toen en nu liggen: Klaten, Magelang en Semarang,

Holland, Klaten, Holland, Gouda, Utrecht en den Haag.

Tussen toen en nu liggen: veertig jaar.

Tussen toen en nu liggen:

een geloofsleven dat nieuwe levensinhoud gaf.

Een geloofsleven dat veel veranderingen onderging.

Tussen toen en nu liggen:

moeizaam verworven zekerheden en vastbeslotenheid.

Vragen en onzekerheden; en soms: verdrietig loslaten.

Tussen toen en nu ….. :

dierbare familieleden en vrienden die heen gingen en er niet meer zijn.

Tussen toen en nu ligt voor mij:

een levensperiode van afstand doen,

van noodgedwongen loslaten of vertrekken.

En van opnieuw beginnen.

Tussen toen en nu ligt voor mij:

een tijd waarvan ik dankbaar kan zeggen

dat Gods goedheid en de vriendschap van werkelijk fijne mensen

mij veel steun hebben gegeven.

Gedurende de laatste periode op het Berchmanianum vanaf medio 2006, heeft hij veel geleden. Ongeveer een maand voor zijn dood overkwam hem een hersenattaque gevolgd door verlamming van de rechterzijde van zijn lichaam, gecombineerd met nog andere mankementen. Tegen het vervolg zag hij huizenhoog op. Zo gaf hij de moed op, heel gedecideerd zoals bij hem paste, maar steeds nog met een glimlach, en met eenvoudige vragen over het wel en wee van het huis. Als een ‘getrouwe herder van Gods kerk’ is hij op 7 november 2009 in vrede gestorven en na enkele dagen in Nijmegen begraven.


IHS > gezellen van Jezus > In memoriam