Portret Generaal door Ignatius

In de Constituties van de Sociëteit van Jezus, geschreven door de heilige Ignatius, vinden we het volgende portret van de Algemene Overste, ook wel Generaal genoemd. Algemeen wordt aangenomen dat Ignatius hier, ongewild, tevens een beschrijving geeft van zijn eigen profiel als generale overste.


Deel IX,  Hoofdstuk 2 : Over welke eigenschappen de generaal moet beschikken

[723] 1. (A) Onder de verschillende gaven waarmee pater generaal bij voorkeur

begiftigd dient te zijn, komt op de allereerste plaats deze, dat hij in zijn bidden en in al zijn doen en laten zo innig mogelijk met God en Onze Heer verbonden en vertrouwd is opdat hij daardoor van Hem, de bron van alle goeds, voor heel het lichaam van de Sociëteit overvloedig deel krijgt aan Zijn gaven en genaden, en ook veel kracht en profijt bij alles wat hij onderneemt om de mensen te helpen.

Laatste nieuws >>
De beste links >>
Wie is Adolfo Nicolás sj? >>
AC 35 in beeld >>
Toespraak Benedictus tot AC 35 >>
Brief Benedictus aan AC 35 >>

Adolfo Nicolás nieuwe Generaal >>

Verslag ontslag Kolvenbach >>
Samenstelling 35ste AC >>
Constituties over verkiezing Generaal >>
Portret Generaal door Ignatius >>
Provinciale congregaties in Nederland en Vlaanderen >>

Bidden met AC 35 >>

[724] A. Al het andere is tot deze zes kwaliteiten te herleiden; want in deze zes bestaat de volmaaktheid van de generaal jegens God; de waarde van hetgeen zijnvoelen, denken en doen vervolmaakt, en van hetgeen zijn lichamelijke en uitwendige gaven hem wellicht aan steun bieden, moet in de hier gegeven volgorde worden beoordeeld.

[725] 2. De tweede eigenschap is dat hij een man moet zijn wiens voorbeeld op het gebied van alle deugden een stimulans is voor de andere leden van de Sociëteit. Vooral moeten in hem de glans van liefde voor alle medemensen, allereerst voor de Sociëteit, en de glans van ware nederigheid naar buiten stralen, die hem bij God en de mensen geliefd maken.

[726] 3. Hij dient ook vrij te zijn van alle ongeregelde neigingen. Hij moet deze door Gods genade hebben weten te beteugelen en te versterven, zodat inwendig het oordeel van zijn verstand er niet door wordt vertroebeld, en hij naar buiten, vooral in zijn spreken, zich zo bedachtzaam gedraagt dat op hem niets, geen woord zelfs, valt aan te merken dat niet stichtend is voor de leden van de Sociëteit (voor wie hij als een spiegel en voorbeeld moet zijn) of voor de buitenstaanders.

[727] 4. Niettemin moet hij de kunst verstaan om rechtvaardigheid en noodzakelijke gestrengheid op zodanige wijze gepaard te doen gaan met mildheid en vriendelijkheid dat hij zich niet laat afhouden van hetgeen naar zijn oordeel God onze Heer meer welgevallig is, en toch zoals het hoort met zijn zonen weet mee te voelen. En dit, doordat hij zo optreedt dat zelfs zij die berispt en terecht gewezen worden het moge hun dan naar de lagere mens onaangenaam zijn toch erkennen dat hij zijn taak met oprechtheid in de Heer en met liefde vervult.

[728] 5. Hij dient ook te beschikken over de zeer noodzakelijke grootmoedigheid en geestkracht om de zwakheid van velen te dragen, en om grote dingen in de dienst aan God te ondernemen en daarin zo nodig standvastig te volharden, zonder de moed op te geven vanwege verzet (ook al komt het van grote en machtige personen), en zonder zich door welke smeekbeden of dreigementen van hun kant ook, te laten afhouden van hetgeen het verstand en de dienst van God vragen. Grootmoedigheid en geestkracht zijn ook nodig om opgewassen te zijn tegen alles wat zich kan voordoen, opdat hij bij voorspoed zich niet verhovaardigt noch door tegenwerking zich laat ontmoedigen, volledig bereid om zo nodig voor het welzijn van de Sociëteit de dood te ondergaan om Jezus Christus onze God en Heer te dienen.

[729] 6. Ten derde dient hij rijk begiftigd te zijn met verstand en inzicht zodat het hem in kwesties van theoretische noch van praktische aard aan deze gave ontbreekt. Natuurlijk is wetenschap onontbeerlijk voor een man die leiding moet geven aan zoveel geleerde mannen, maar meer nog wordt van hem wijsheid gevraagd en bedrevenheid in het onderscheiden van de verschillende geesten bij geestelijke en inwendige aangelegenheden, om raad en genezing te bieden aan zo velen die in geestelijke nood verkeren. Ook dient hij in hoge mate te beschikken over onderscheidingsvermogen bij uitwendige zaken en in de wijze waarop hij zo sterk uiteenlopende aangelegenheden behandelt en met zozeer verschillende soorten mensen binnen en buiten de Sociëteit omgaat.

[730] 7. Ten vierde, vooral om bepaalde zaken tot stand te brengen, zijn waakzaamheid en zorgvuldigheid nodig om ze ter hand te nemen, en de vaardigheid om ze tot een goed einde te brengen, opdat hetgeen men is begonnen niet door nalatigheid of gebrek aan geestelijke spankracht onvoltooid blijft.

[731] 8. Het vijfde punt heeft betrekking op zijn fysieke gesteldheid. Met betrekking tot zijn gezondheid, uiterlijk voorkomen (B) en leeftijd moet enerzijds rekening gehouden worden met stijl en gezag, anderzijds met de fysieke krachten die zijn ambt vereist, zodat hij zijn taak kan vervullen tot eer van God onze Heer.

[732] B. Een zeer hoge leeftijd schijnt niet in aanmerking te komen, want deze is meestal niet opgewassen tegen de lasten en zorgen van dit ambt. Evenmin een zeer jeugdige leeftijd, want die gaat gewoonlijk niet met het gewenste gezag en de nodige ervaring gepaard.

[733] 9. Het zesde punt (C) betreft de uitwendige zaken, waarbij voorop moet staan wat in dit ambt meer bijdraagt tot stichting en tot dienst aan God. Daaronder vallen gewoonlijk de hoogachting en de goede naam die men geniet, en overigens al wat verder bijdraagt tot het gezag dat hij bij de mensen binnen en buiten de Sociëteit geniet.

[734] C. Met uitwendige zaken worden bedoeld: hoge afkomst, de rijkdom die hij in de wereld bezat, eer en dergelijke. Wanneer voor het overige er geen verschillen zijn, dient men er enigszins rekening mee te houden. Toch zijn de andere punten van groter belang en kunnen voor de keuze voldoende zijn, ook al ontbreken hierboven genoemde zaken.

[735] 10. Tenslotte moet de algemene overste een van de mensen zijn die in alle deugden uitblinken, zich in de Sociëteit zeer verdienstelijk hebben gemaakt, en sinds lang als zodanig bekend staan. En mocht hij enige van de hierboven genoemde eigenschappen ontberen, in geen geval mag het hem ontbreken aan een zeer grote rechtschapenheid, liefde jegens de Sociëteit, een juist oordeel gepaard gaande met de nodige geestelijke ontwikkeling. Op de overige punten zal met Gods hulp en genade veel aangevuld kunnen worden door de hierna te bespreken personen die bestemd zijn om hem bij te staan.


IHS > Jezuïeten wereldwijd