Kerstwens regionale overste jezuïeten

Kerstwens 2017, van pater Johan Verschueren sj, regionale overste van de jezuïeten uit de Lage Landen

De geboorteverhalen rond Jezus Christus herinneren er ons aan hoe God onbeschaamd de comfortzone van mensen binnendringt en hen voorstellen doet waar geen zinnig mens zelf op zou komen. Het overkwam Maria. Het overkwam Jozef. Beiden hadden de vrijheid om ‘nee’ te zeggen. Beiden zeiden ze ‘ja’, ieder op zijn eigen unieke manier. Beiden durfden ze het aan: ze verlieten hun comfortzone en stapten in een uniek levenbarend avontuur. Tot op vandaag worden mensen uit hun comfortzone gelokt in het kielzog van dit levengevende avontuur dat Jezus begon en dat in ons en door Hem wordt voortgezet. Zo werkt God. Toen niet anders dan nu.

Op veel plekken tijdens mijn lange reis door West-Afrika in november ll., kon ik zien hoe die éne God ook daar mensen uit hun comfortzone lokt en hen boven henzelf uittilt. Eén verhaal wil ik u niet onthouden. Het was in een buitenwijk van N’Djamena (Tsjaad) waar veertig jaar geleden vele christenen met enkele jezuïeten een geloofsgemeenschap opstartten. Vandaag lieten de oudste lekenpioniers me het resultaat zien van hun arbeid. Het was een doordeweekse dag rond 5 uur ’s avonds. Het bureautje van de piepjonge jezuïet-pastoor was klein en krakemikkig. Dat scheen deze pastoor niet te deren. Hij had meer oog voor de mensen. En hij bleek heel geliefd. De kerk stelde nog minder voor. Eigenlijk was er geen kerk. Er was alleen een groot afdak waaronder een duizendtal mensen de mis konden volgen, beschermd tegen de zon. Verschillende koren waren er aan het oefenen. En wat verder waren jongeren traditionele dansen aan het inoefenen. Naast de kerk lieten de oudsten me een mooi maar eenvoudig ‘centre culturel’ zien waar ze catecheselokalen hadden, waar een charitasbureau huisde, en een dispensarium. Ook hadden ze er een ‘foi et joie’ school aangetrokken om jongvolwassenen te scholen in automechaniek (dit is de Afrikaanse variant van de Latijns-Amerikaanse Fe y Alegría scholen). In een halfopen lokaal waren jongetjes zich aan het oefenen in karate. Ook hier  bruiste het leven.

We gingen zitten en de oudsten vertelden met waardigheid en trots hoe ze deze parochie hadden uitgebouwd met veel bloed, zweet en tranen, en hoe ze als geloofsgemeenschap de woelige oorlogen van de laatste 50 jaar hadden overleefd –oorlogen, die ook ten dele van religieuze aard waren-. Alles hadden ze met kleine bijdragen bij elkaar gespaard en op een goeie manier beheerd. Het viel me op hoe de pastoor zich niet moest bezig houden met materieel beheer of diaconie en dat hij zich voluit kon geven aan pastorale taken en liturgie. Toen ik hen vroeg hoe het kwam dat ze nog steeds geen kerk hadden maar wel ongeveer alle faciliteiten om de geloofsgemeenschap een waardig leven en toekomstperspectief te bieden, werd het stil, en ze keken elkaar aan. De oudste rechtte zijn rug, schraapte zijn keel en zei met ernst en overtuiging: “mais père, l’église, c’est nous!” –maar pater, de kerk, dat zijn wij-. 

Waarom dit me aan Kerstmis doet denken? Hier heeft God een hele groep mensen uit hun individuele comfortzone gehaald, uit individueel zelfbehoud in uiterst moeilijke tijden. Hun fiat in navolging van Maria en Jozef deed een gemeenschap het levenslicht zien waar oud en jong, ziek en gezond, arm en minder arm een menswaardige plaats krijgt, en waar niet een gebouw centraal staat maar de levende Jezus Christus. Of hoe Jezus daar in een uithoek van de stoffige Sahel, midden in een herdersvolk, opnieuw geboren werd in de gestalte van een dienende geloofsgemeenschap.

Dit is dan ook mijn kerstwens dit jaar voor ons allen: dat Kerst ons doet verstaan dat God ons uit onze comfortzones van individuele en vertrouwde middelmatigheid wil halen om samen het leven te geven aan dienende geloofsgemeenschappen die Jezus Christus belichamen.

Johan Verschueren sj, 

Regionale Overste ELC, Kerst 2017