De Laatste Missionaris – het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India

ma 16 feb 2026
De Laatste Missionaris - het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India 3

Wij zijn allemaal broers. Een reis in het spoor van Aurel Brys sj toont de dankbaarheid van de Indiërs voor de Vlaamse missie.

Wij zijn allemaal broers. Een reis in het spoor van Aurel Brys sj toont de dankbaarheid van de Indiërs voor de Vlaamse missie.

Tekst & fotografie: Leo A. De Bock | Otheo

Samen met regionaal overste van de jezuïeten Marc Desmet, de Amsterdamse diaken Bastiaan van Rooijen en de studenten Chloé Somers (laatstejaars sociologie), Emoa Van Deyck (3de jaar burgerlijk ingenieur-architect) en Lander Vandenborre (4de jaar geneeskunde) reisde ik naar India. Bij ons was Aurel Brys sj, de laatste missionaris van de jezuïeten in India.

Om gezondheidsredenen moest hij vorig jaar, na 59 jaar ontwikkelingswerk in Ranchi, onverhoeds en zonder behoorlijk afscheid te hebben kunnen nemen, naar België terugkeren. Dat afscheid nemen, zou nu wél lukken.

“De jezuïeten hebben geen steen verlegd, maar rotsblokken. Bergen hebben ze verzet.

 

Constant Lievens: ruiter-missionaris
Gekleed in een lang wit kleed dat tot over z’n knieën reikt, zit hij op een klein paard, voeten in de beugels. Hij draagt een bruine tropenhoed, heeft een kruis omhangen en houdt een kruis omhoog. Het is een bijna levensgroot standbeeld dat Constant Lievens – hoewel de gelijkenis niet treffend is – voorstelt als jonge missionaris-jezuïet in het museum van het Xaveriuscollege in Ranchi, India.

Lievens woonde – het was 1885 – in een hut in Torpa. Hij wou wel kerstenen, maar stelde vast dat dwangarbeid en systematische landroof de arme boeren klein hielden. Religie had geen antwoorden. Hij informeerde zich over het gewoonterecht van de stam, de Munda, en begon ze te verdedigen bij de Engelse koloniale autoriteiten. De Munda zouden hun land terugkrijgen.

De Laatste Missionaris - het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India

De ‘methode’ van de jezuïet – juridische hulp, solidariteit met de zwakken, het aanbieden van de waarden van het christelijke geloof en van innerlijke vrijheid – overtuigde de verschillende stammen. Hun angst voor boze geesten, landeigenaren en politie ebde weg. De stammen kwamen gaandeweg zelf naar Lievens toe. Maar Constant Lievens liep tuberculose op, keerde terug naar België en overleed er op 37-jarige leeftijd.

” Constant Lievens is nog altijd een begrip in Ranchi.

 

Niet bij ons. De aandacht, laat staan de waardering voor missionarissen, is in onze geseculariseerde wereld helaas weggezakt. Het gebeurt dat ze veralgemenend gecompromitteerd worden als kolonialen, paternalistische zieltjeswinners van het blanke ras die zich superieur waanden en hun geloof en gewoonten opdrongen. Die zullen er geweest zijn, maar algemeen genomen is dit een bijzonder onheuse misvatting.

Belangrijker dan God of gebod
Ik heb in Ranchi kennisgemaakt met de impact van mannen van een bijzonder kaliber. Ze verlieten hun ouders, broers en zussen, vrienden in de overtuiging dat ze hen mogelijk nooit meer zouden terugzien. Ze kozen ervoor het leven te delen van wie ze wilden helpen. Ze bekommerden zich om primaire noden en bestreden onrechtvaardigheid. Ze hadden geen eigen gewin voor ogen. Ze wilden het leven van hen voor wie ze zich hebben ingezet verbeteren, in vrijheid, en met meer nog waarden als gereedschap, dan met God of gebod.

Grote namen uit de geschiedenis van Ranchi zijn ook Herman Rasschaert – hij werd maar 42, velen van zijn generatie leefden maar kort -, Camille Bulcke, Michel van den Bogaert. En Aurel Brys. Dat hun levensverhaal en hun verwezenlijkingen het verschil gemaakt hebben, hebben wij in Ranchi zeer duidelijk kunnen vaststellen. De dankbaarheid van de Indiërs hiervoor is werkelijk overweldigend, bijna gênant.

De jezuïeten hebben hier de weg bereid, de Indiërs zijn hem gegaan, blijven hem gaan, op een zeer succesvolle manier. De jezuïeten hebben geen steen verlegd, maar rotsblokken. Bergen hebben ze verzet. Ze hebben zich ingezet in functie van hun eigen overbodigheid en dat is hen uitermate goed gelukt.

Aurel Brys s. j. en de adibasi
De Tweede Wereldoorlog is al aan de gang wanneer Aurel Brys in Ooigem geboren wordt. In het Jezuïetencollege van Aalst maakt hij z’n retorica rond. In 1959 treedt hij in bij de jezuïeten. 7 jaar later vertrekt hij als laatste Vlaamse missionaris naar India. In Ranchi, in het noordoosten van India, doet hij ontwikkelingswerk bij de adibasi, de tribals, de kastelozen, de onbeduidenden. Aurel Brys zet het werk voort van Constant Lievens sj.

De focus van Aurel Brys is z’n Leken Leiderschaps Vorming, een manier om leidersfiguren op te leiden in de dorpen, parochies, families, een manier misschien nog meer om de eeuwenlang onderdrukte adibasi weer zelfvertrouwen te geven en hun creatief en kritisch denken te stimuleren. Dat doen, beschouwt Aurel Brys als ware evangelisatie. Aan zieltjeswinnen heeft hij geen boodschap.

In India maken christenen maar 2,4 % van de bevolking uit. De meeste Indiërs zijn Hindoe (80%), een goeie 14% is moslim. Hooguit een vierde van de adibasi zijn christenen. Tegelijk zijn ze sterk vertegenwoordigd in specifieke regio’s in India waaronder Jarkhand, dat Ranchi als hoofdstad heeft.

De Laatste Missionaris - het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India 1

In India geldt, ook al is het inmiddels officieel afgeschaft, het kastenstelsel, een poging van het Hindoeïsme om de samenleving te ordenen en de gevestigde macht in stand te houden. Elke relatie met de Ander wordt afgemeten aan de vraag: ’sta ik hoger (ben ik waardevoller), sta ik lager (ben ik minder waardevol)?’

Dit staat haaks op de essentie van het Evangelie dat ervan uitgaat dat iedereen gelijk is (voor God). Dat de Belgische missionarissen de waarden van het christelijke geloof aan zoveel inheemse Indiërs met diep succes hebben kunnen doorgeven, getuigt van een immense empathie en vasthoudendheid.

Volkse dankbaarheid
Marc, Aurel, Bastiaan, de studenten en ik hebben in februari 2026 heel wat adibasigemeenschappen bezocht. Er is één zeer opvallende gelijkenis: de bijzonder grote erkentelijkheid van de gemeenschappen ten aanzien van het voor de adibasi heilzame werk dat talrijke missionarissen sinds het midden van de 19de eeuw verrichtten. Misschien ook: de warmhartigheid van de christen adibasi, hun gastvrijheid, hun vreedzaamheid, hun diepe geloof.

De Laatste Missionaris - het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India 2

 

“Wij zijn allemaal broers, zei een jongetje in het opvangtehuis Boys Town, toen student Lander hem vroeg of de jongen naast hem zijn vriend was. Niet alleen die jongen naast hem dus, maar zij allemaal, allemaal broers.

 

Blanke mannen en vrouwen hebben hén hier op weg geholpen. Die blanke mannen zijn nu standbeelden en portretten die nog geëerd worden, omhangen met kransen en oprechte gevoelens. De dankbaarheid van de adibasi gaat over op ons, bezoekers die louter leunen op een rijke geschiedenis. Zeggen dat we in de verschillende gemeenschappen als koningen werden onthaald is geenzins overdreven: rijen juichende mensen verwelkomden ons, met de fanfare voorop, vrouwen wasten ons de voeten, we kregen bloemenkransen omgehangen,…

Los daarvan heb ik een manier van in het leven te staan ervaren die wij, blanken, grotendeels kwijt zijn. Het warmhartige, de levensvreugde, het ‘samen’, het genoegen van kleine dingen, de oude schakeringen van het geloof die nog oplichten, door ons vergeten. ‘Wij zijn allemaal broers’, zei een jongentje in het opvangtehuis Boys Town, toen student Lander hem vroeg of de jongen naast hem zijn vriend was. Niet alleen die jongen naast hem dus, maar zij allemaal, allemaal broers. Natuurlijk willen ze hier allemaal een goed leven en dat betekent een beter leven.

Wij kunnen echt veel van jullie leren, zei ik in een korte toespraak aan studenten in een lerarenopleiding. Wij denken rijk te zijn, maar ten gronde zijn wij dat niet. Ik heb zelfs gezegd dat ik vind dat we arm zijn, daar bij ons in Europa. Omdat we bijzonder veel belang hechten aan wat niet wezenlijk is en daarin nooit een punt bereiken van rust, verdieping, godbetert van geluk. Nooit is het nog genoeg. De vreugde en het spannende van het onderweg zijn, is weg, en de eindbestemming stelt teleur omdat ze de verwachting fnuikt.

En ik zei dat zij als mensen onder elkaar best rijk zijn. Rijker dan wij. Het klinkt wat perfide dacht ik terwijl ik het zei: wees nu maar tevreden met wat jullie hebben, wij hebben het lekker beter. Maar dat was natuurlijk niet de betekenis van mijn boodschap. Ik ging verder met de Fransjoodse filosoof Emmanuel Levinas, zonder hem te noemen en zei dat wij daar in Europa de Ander uit het oog aan het verliezen zijn en dat die Ander hier in regel echt bestààt, voorwerp uitmaakt van bekommernis, medeleven, mededogen, hulp, nabijheid, liefde. Daar in Ranchi alvast geven ze ons op dat vlak het nakijken.

De Laatste Missionaris - het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India 5

Geen godsdienstvrijheid
En dan is er het bewind in India, de op één na grootste democratie in de wereld. De Bharatiya Janata Party (BJP) van premier Narendra Modi domineert, en bevoordeelt openlijk en zeer nadrukkelijk het hindoe-nationalisme. Dit heeft voor gevolg dat christenen – die helaas nooit hebben geïnvesteerd in een politieke vertegenwoordiging – in India expliciet worden gediscrimineerd.

De adibasi met wie we spraken, gaven openlijk toe angstig te zijn over wat de toekomst brengt. Er is de facto geen godsdienstvrijheid in India. Er is de vrijheid om hindoe te zijn. Het christendom wordt gezien als volksoneigen, als een bedreiging. Christenen mogen bijvoorbeeld Kerstmis niet vieren. Doen ze dat wel, dan lopen ze het risico dat milities alle uiterlijke tekenen van Kerstmis komen vernielen. Dat is al voorgekomen. Merkwaardig genoeg stuurt de betere klasse in India z’n kinderen naar scholen van christengemeenschappen, omdat het onderwijs er simpelweg van een beduidend hoger niveau is. De investering door de overheid in onderwijs is klein. Ook de gezondheidszorg is armetierig. Er is wel een tussenkomst in de kosten, maar het verkrijgen ervan is een zulkdanig complexe aangelegenheid dat vooral de zwakken ervan verstoken blijken. Ook op dat vlak zijn de ziekenhuizen die de missionarissen zijn begonnen voor veel armen een redding en betekenen ze voor sommigen het verschil tussen leven en dood.

Door: Leo A. De Bock | Otheo

Fotografie: Leo A. De Bock

 

De Laatste Missionaris - het emotionele afscheid van de laatste Vlaamse jezuïet in India 4

Bekijk alle nieuwsberichten

Deel