Het luistergesprek is een beproefd instrument om samen met anderen, onderscheidend terug te blikken op de eigen ervaring en zo Gods aanwezigheid beter op het spoor te komen. Verschillende “bemiddelingen” kunnen daarbij worden gebruikt: de persoonlijke terugblik (levensgebed) op de voorbije periode, de evangelielezing van de zondag, een boek, een bepaald thema of vraag, enz. Als er een boek of ander tekstmateriaal wordt gebruikt is het niet de bedoeling dat de uitwisseling gaat in de richting van het bespreken van een interessant boek, het doen van exegese of tekstkritiek of over boeiende discussie over een geloofsonderwerp of een maatschappelijke problematiek. Hoofddoel van een luistergesprek is steeds het onderscheidend op zoek gaan naar Gods aanwezigheid en werking in je leven en hoe de een of de andere mogelijke bemiddeling je daarbij geïnspireerd heeft.
Het luistergesprek is een beproefd instrument om samen met anderen, onderscheidend terug te blikken op de eigen ervaring en zo Gods aanwezigheid beter op het spoor te komen. Verschillende “bemiddelingen” kunnen daarbij worden gebruikt: de persoonlijke terugblik (levensgebed) op de voorbije periode, de evangelielezing van de zondag, een boek, een bepaald thema of vraag, enz. Als er een boek of ander tekstmateriaal wordt gebruikt is het niet de bedoeling dat de uitwisseling gaat in de richting van het bespreken van een interessant boek, het doen van exegese of tekstkritiek of over boeiende discussie over een geloofsonderwerp of een maatschappelijke problematiek. Hoofddoel van een luistergesprek is steeds het onderscheidend op zoek gaan naar Gods aanwezigheid en werking in je leven en hoe de een of de andere mogelijke bemiddeling je daarbij geïnspireerd heeft.
Het luistergesprek bestaat uit drie rondes. Het kan zinvol zijn om enkele minuten stille tijd te laten tussen elk van de rondes. Dit kan het onderscheidend karakter van de volgende ronde enkel maar ten goede komen.
In de eerste ronde deelt elkeen iets van de persoonlijke terugblik: wat wil ik met jullie delen over mijn persoonlijke onderscheiding van de voorbije tijd, over een bepaalde vraag of nog iets anders. Als iemand vertelt, luisteren de anderen zonder te onderbreken. Er wordt niet gereageerd.
Voorbereiding
Het is goed deze persoonlijke input thuis voor te bereiden, liefst schriftelijk. Dit maakt mogelijk dat je daadwerkelijk kan vertellen wat je echt verlangt in te brengen. Voor je het weet, immers, laat je je anders ongewild leiden door de ingevingen van het moment of door wat de persoon voor jou heeft verteld. Dan gebeurt het al te vaak dat je, na afloop van de uitwisseling, vaststelt dat je datgene wat je eigenlijk wilde delen gewoon vergeten bent.
Wat je vertelt hoeft niet spectaculair of “interessant” te zijn. Jouw onderscheidende inbreng is op zich interessant. Laat die zijn wat ze is, zonder te oordelen.
Beperken
Beperk je voor je inbreng tot enkele punten. Het is niet wenselijk of mogelijk alles te vertellen. Ook voor geoefende luisteraars is het luister- en opnamevermogen beperkt. Het kiezen voor diepte eerder dan voor breedte maakt voor de anderen het onderscheidend luisteren makkelijker.
Onderscheiding eerder dan feiten
Het is niet de bedoeling omstandige feitenverhalen te doen. Zoals gezegd, in het luistergesprek staan niet de feiten, wel de onderscheiding centraal. Het is uiteraard zinvol iets te vertellen over je feitelijke ervaring. Focus echter vooral op de beleving (vreugde, vertrouwen/boosheid, ergernis) van die ervaring en dus de eigenlijke ignatiaanse terugblik: wat doet dit met mij? Wat leert dit me over Gods aanwezigheid in mijn leven en over mijn persoonlijke zoektocht in het geloof? Op deze wijze kunnen ook erg persoonlijke en soms zelfs intieme ervaringen toch op zo’n wijze aangebracht worden dat de eigen privacy niet wordt geschaad en dat de andere leden geen details hoeven te beluisteren die ze eigenlijk niet willen horen. Ook hier is voorbereiding wenselijk.
Verdieping
De tweede ronde is de belangrijkste ronde. Het is de ronde waar best het meeste tijd wordt aan besteed. Deze ronde is een verdiepingsronde: wat in de inbreng van de andere leden van de gemeenschap tijdens de eerste ronde helpt mij in mijn eigen onderscheiding? Eventueel kan hier een verdiepingsvraag worden gesteld over de input van iemand tijdens de eerste ronde: Kan je daar iets meer over vertellen? of Heb ik het goed begrepen dat je dit bedoelde? Vragen stellen kan dus, met dien verstande dat die ander, om welke reden dan ook, steeds de vrijheid heeft niet op de vraag in te gaan.
In de korte stilte tussen ronde een en twee kan je voorbereiden wat je gaat inbrengen. Het is verkieslijk je te houden aan wat je in die tussentijd hebt voorbereid. Zegt de persoon die net vóór jou spreekt exact wat jij ook wilde vertellen, geen probleem. Doe toch maar jouw verhaal, ook al lijkt het herhaling. Dan wordt duidelijk dat dat punt dat tweemaal genoemd is blijkbaar belangrijk is.
Valkuilen
Het meer interactieve karakter van deze tweede ronde kan het onderscheidingskarakter ervan in het gedrang brengen. Let op volgende valkuilen:
Ook in de tweede ronde is het verkieslijk je te beperken tot enkele puntjes. Het is niet nodig iets te zeggen over ieders inbreng in de eerste ronde.
Verschillende mensen kunnen op verschillende wijze geraakt worden door hetzelfde. Dat mag en kan gerust naast mekaar bestaan. Eensgezindheid of gelijkvormigheid is geen streefdoel.
De laatste ronde is de kortste. Elkeen noemt kort en bondig een of meer zaken die hij of zij meeneemt uit de bijeenkomst: een inzicht, voornemen, uitspraak, gevoel … Dit kan eventueel in de vorm van een voorbede.
Ten slotte nog twee opmerkingen:
Nikolaas Sintobin sj